Gemeente rond de kerk van Ammerstol

Het gezicht en de informatiebron van onze gemeente op het internet

Lezing en overdenking woensdag 27 mei

Begroeting

Lezing: Romeinen 8, 18 – 30

Ik ben ervan overtuigd dat het lijden van deze tijd in geen verhouding staat tot de luister die ons in de toekomst zal worden geopenbaard. De schepping ziet er reikhalzend naar uit dat openbaar wordt wie Gods kinderen zijn. Want de schepping is ten prooi aan zinloosheid, niet uit eigen wil, maar door hem die haar daaraan heeft onderworpen. Maar ze heeft hoop gekregen, omdat ook de schepping zelf zal worden bevrijd uit de slavernij van de vergankelijkheid en zal delen in de vrijheid en luister die Gods kinderen geschonken wordt. Wij weten dat de hele schepping nog altijd als in barensweeën zucht en lijdt. En dat niet alleen, ook wijzelf, die als voorschot de Geest hebben ontvangen, ook wij zuchten in onszelf in afwachting van de openbaring dat we kinderen van God zijn, de verlossing van ons sterfelijk bestaan. In deze hoop zijn we gered. Als we echter nu al zouden zien waarop we hopen, zou het geen hoop meer zijn. Wie hoopt er nog op wat hij al kan zien? Maar als wij hopen op wat nog niet zichtbaar is, blijven we in afwachting daarvan volharden. De Geest helpt ons in onze zwakheid; wij weten immers niet wat we in ons gebed tegen God moeten zeggen, maar de Geest zelf pleit voor ons met woordloze zuchten. God, die ons doorgrondt, weet wat de Geest wil zeggen. Hij weet dat de Geest volgens zijn wil pleit voor allen die hem toebehoren. En wij weten dat voor wie God liefhebben, voor wie volgens zijn voornemen geroepen zijn, alles bijdraagt aan het goede. Wie hij al van tevoren heeft uitgekozen, heeft hij er ook van tevoren toe bestemd om het evenbeeld te worden van zijn Zoon, die de eerstgeborene moest zijn van talloze broeders en zusters. Wie hij hiertoe heeft bestemd, heeft hij ook geroepen; en wie hij heeft geroepen, heeft hij ook vrijgesproken; en wie hij heeft vrijgesproken, heeft hij nu al laten delen in zijn luister.

Psalm 121

Ik sla mijn ogen op naar de bergen,

van waar komt mijn hulp?

Mijn hulp komt van de HEER

die hemel en aarde gemaakt heeft.

Hij zal je voet niet laten wankelen,

hij zal niet sluimeren, je wachter.

Nee, hij sluimert niet, hij slaapt niet,

de wachter van Israël.

De HEER is je wachter,

de HEER is de schaduw aan je rechterhand:

overdag kan de zon je niet steken,

bij nacht de maan je niet schaden.

De HEER behoedt je voor alle kwaad,

hij waakt over je leven,

de HEER houdt de wacht over je gaan en je komen

van nu tot in eeuwigheid.

Gebed

Uit een niet te peilen oorsprong hebt U geroepen:

Licht en er was licht, aarde en het land werd bewoonbaar,

mensen; en wij mensen bevolken de wereld die U tevoorschijn riep.

Onontgonnen nog het land en nog lang niet begaanbaar de wegen

die wij zullen gaan voordat wij onze bestemming bereiken

en er vrede zal zijn, voorspoed en geluk in een vruchtbare wereld.

Onze weg voert langs afgronden, onpeilbare diepten,

wij vallen soms, en staan weer op,

donkerte valt nog over de aarde, geweld en ziekte zijn nog niet verstomd

en mensen worden nog steeds slachtoffer, sterven, geknecht, verkracht,

zoals uw Zoon, ook Hij kent de duisternis van nacht en dood,

hij heeft ons lijden ondergaan, over deze wereld strekte hij zijn armen,

in een machteloos zegenend gebaar, hij stierf van U en door ons verlaten.

U hield hem vast, de dood kon hem niet houden,

Uw hemel welfde zich over hem en met hem over ons allemaal,

Als in de dagen van het begin woei uw Geest over uw schepping,

Licht bracht zij en vreugde om uw belofte, zij zal het ons altijd doen weten,

elke dag weer spreekt haar stem ons van de toekomst die ons wacht,

U die onze toekomst bent, hoe ongedacht onmogelijk ook,

U die ons vasthoudt, onze ogen zijn op U gericht.

U vragen wij om wie gebukt gaan op te richten,

om wie ziek zijn en zich zwak en aangetast weten, te steunen

laat hen die geen uitweg zien, weer toekomst proeven

dat U de liefde en de vriendschap hoedt, die ons samenbrengt,

hoor ons bidden, dat in ons klinkt, stil en voor U vertrouwd.

Onze Vader

Zegen

God die onze toekomst is, zegene u

Jezus zijn Zoon die ons voor gaat , zij altijd met u

De Geest die ons bezielt en troost, zal over u komen

en zal u doen leven in vrede.

Amen

Orgelspel

Categories: Geen categorie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *